Ga naar de inhoud van deze pagina.
Begroting 2027-2030 Begroting 2027-2030

Onderhoud kapitaalgoederen

In deze paragraaf gaan wij in op het onderhoud van de kapitaalgoederen en de daaruit voortvloeiende financiële consequenties. De kwaliteit van de openbare ruimte is belangrijk voor het woongenot van inwoners. De kapitaalgoederen dragen bij aan dit woongenot. Het gaat hierbij om wegen, riolering, water, groen, speelplaatsen, openbare verlichting, civiele kunstwerken, begraafplaatsen en gebouwen.

Beleids- / beheerplannen Jaar van vaststelling Einde looptijd
beleids-/beheerplan
Gepland jaar van actualisatie/opstellen
Financiële vertaling in begroting

Beheerplan wegen

2026

2030

2029

ja

Water en rioleringsprogramma

2023

2030

2029

ja

Groenbeleid

2026

2036

2035

ja

Speelbeleid

2026

2035

2034

ja

Keuzenotitie openbare verlichting

2026

2030

2029

ja

Beheerplan civiele kunstwerken

2024

2028

2027

ja

Beheerplan onderhoud gemeentelijk vastgoed (nieuw)

2024

2029

2028

ja

Beheerplan oeverbescherming inclusief stuwen (nieuw)

2024

2032

2031

ja

Beleids- en beheerplan wegmeubilair, markeringen en bebordingen (nieuw)

2024

2028

2027

ja

Baggerplan (nieuw)



2027


Beheerplan begraafplaatsen (nieuw)



2026



In ieder beleids-/beheerplan werken wij met één of meerdere vastgestelde kwaliteitsniveaus.

De ramingen voor het onderhoud zijn opgesteld op basis van deze niveaus. Naast actualisatie van bestaande beheerplannen worden er ook beheerplannen opgesteld voor de vakgebieden waar nu nog geen beheerplannen voor zijn. De beheerplannen worden vertaald in de begroting. In bovenstaande tabel is de planning voor het actualiseren en opstellen van de plannen aangegeven. Met de actualisatie van de beheerplannen wordt er voor een aantal taakvelden een onderhoudsvoorziening ingesteld voor het groot onderhoud.

In hoofdlijnen worden het beheer en onderhoud gesplitst in:
- nieuwe investeringen (activering, dekking kapitaallasten via exploitatie)
- groot onderhoud (dekking via exploitatie en voor enkele taakvelden via de voorziening)
- klein (regulier) onderhoud (dekking via exploitatie).

Het groot onderhoud en de investeringen worden zoveel mogelijk integraal en in afstemming en samenwerking met andere overheden en netbeheerders uitgevoerd.

Financieel

Voor de wijze van activering van de kapitaalgoederen wordt verwezen naar de financiële verordening 2026 van de gemeente Midden-Delfland. In de verordening is onderscheid gemaakt tussen activa met maatschappelijk nut, zoals wegen, en activa met economisch nut, zoals gebouwen en riolering. In de notitie is beschreven hoe met de activa wordt omgegaan. Ook de zogenaamde rehabilitatiekosten van wegen en grotere vervangingsinvesteringen worden geactiveerd. Als groot onderhoud plaatsvindt, komt dit ten laste van de exploitatie. Voor enkele taakvelden komt er een voorziening voor het groot onderhoud.

Nieuwe en vervangingsinvesteringen in de periode 2027 t/m 2030:

Programma Taakveld 2027 2028 2029 2030

3

Wegen

5.459.453

6.130.924

2.267.894

4.132.100

3

Riolering

1.576.000

1.687.000

1.156.000

0

3

Groen

150.000

100.000

100.000

100.000

3

Speelplaatsen

110.000

437.500

437.500

296.400

3

Openbare verlichting

220.292

238.500

192.200

195.600

3

Bruggen

1.695.854

250.000

0

0

3

Beschoeiingen

760.000

350.000

350.000

0

3

Verkeer

0

0

0

0


Totalen

9.971.599

9.193.924

4.503.594

4.724.100


Exploitatiekosten voor groot en regulier onderhoud van de kapitaalgoederen (inclusief kapitaallasten en manuren) in de periode 2027 t/m 2030:

Programma Taakveld 2027 2028 2029 2030

3

Wegen

2.738.817

2.900.962

3.353.996

3.570.605

3

Riolering

1.933.077

2.018.439

2.081.162

2.084.127

3

Binnenhavens & waterwegen

408.186

444.052

461.919

468.819

3

Groen

1.747.923

1.769.764

1.785.781

1.794.393

3

Speelplaatsen

286.392

295.308

329.764

325.541

3

Openbare verlichting

462.539

513.626

525.236

527.752

3

Bruggen

623.956

651.856

677.270

684.616


Totalen

8.200.890

8.594.007

9.215.128

9.455.853


Wegen

Het reguliere preventieve onderhoud aan asfalt- en elementverhardingen wordt uitgevoerd conform het uitvoeringsplan. Dit uitvoeringsplan wordt gemaakt op basis van de resultaten van de tweejaarlijkse weginspecties. Het onderhoud vindt zoveel mogelijk plaats volgens de methode van wegvakonderdeel gericht onderhoud.

De CROW-richtlijn is dat 90-92% van het areaal van voldoende en matige kwaliteit is (beeldkwaliteit A+, A en B). Dit percentage is een landelijk gemiddelde. Door de inzet van structureel extra budget is de afgelopen jaren de verdere achteruitgang van de kwaliteit van wegen gestopt en het percentage van het areaal dat van voldoende en matige kwaliteit is toegenomen. In hoeverre de CROW-richtlijn wordt gehaald in onze gemeente is op het moment van schrijven nog niet bekend. De resultaten van de inspectie 2026 worden in oktober 2026 verwacht.

Een inhaalslag in de investeringen en het nieuwe wegenbeheerplan met een juiste financiële vertaling in de begroting moeten het percentage wegen dat onvoldoende kwaliteit heeft weer op het juiste niveau brengen. In de exploitatiekosten voor wegen is ook budget voor onkruidbestrijding op verharding en voor het onderhoud van wegmeubilair en verkeersregelinstallaties opgenomen.

Financiering
In de budgetten voor beheer en onderhoud van de wegen zijn een aantal ingroeivarianten opgenomen waarmee het budget de komende jaren substantieel hoger wordt. Na de weginspectie juli 2026 wordt opnieuw berekend of het beschikbare budget toereikend is voor het uitvoeren van het geactualiseerde wegenbeheerplan. Voor het groot onderhoud van de wegen is het de bedoeling om een voorziening in te stellen. Met het beheer en onderhoud is in 2027 een bedrag gemoeid van € 2.738.817 inclusief vaste lasten zoals kapitaallasten, verzekering, manuren, tractie. De direct inzetbare middelen voor het dagelijks beheer en onderhoud aan wegen bedragen in 2027 circa € 1.840.000. Dit is exclusief investeringen.

Riolering

In 2023 is het nieuwe Water- en Rioleringsprogramma (WRP) vastgesteld. Jaarlijks wordt het WRP uitgewerkt in een operationeel jaarprogramma. Hierin worden de concrete plannen voor aanleg, onderzoek, maatregelen, reparaties, vervanging en verbetering voor het betreffende jaar opgenomen. In het Operationele Programma (OP) wordt ook aangegeven of alle in vooraf­gaande OP’s beschreven taken zijn uitgevoerd (een evaluatie). Achtereenvolgende OP’s geven dus een volledig beeld van alle activiteiten die in de planperiode van het WRP zijn uitgevoerd.

De belangrijkste onderhoudsmaatregelen betreffen:

  • vervanging en reling vrijvervalriolering;
  • vervanging persleidingen;
  • vervanging versleten pompen en pompunits van de drukriolering;
  • onderzoeken functioneren riolering (onder andere meten aan overstorten);
  • onderhoud aan gemalen en pompen drukriolering en vrijvervalriolering (niet vooraf in te plannen reparaties).

Financiering

Om de uitvoer van de klimaatadaptatiestrategie te borgen, is binnen de rioleringsbudgetten voor de periode 2023-2030 een bedrag van € 50.000,- per jaar vrijgemaakt. Dit wordt gebruikt voor aanvullende onderzoeken, ondersteuning van initiatieven, opstellen van richtlijnen en ondersteuning in de uitvoer van de klimaatadaptatiestrategie. De kosten voor de uitvoering van klimaatadaptieve maatregelen zijn ondergebracht in de investeringen van de vrijvervalriolering. Het reguliere preventieve onderhoud aan rioleringen gebeurt op basis van het operationeel plan. Met dit onderhoud is in 2027 een bedrag gemoeid van € 1.933.077 (inclusief kapitaallasten, manuren en tractie).

De geplande investeringen in 2027 zijn: € 460.000 voor vrijvervalriolering, € 88.000 voor rioolgemalen, € 605.000 voor de pompunits en € 403.000 voor de persleidingen.

Water

Het Hoogheemraadschap van Delfland is, binnen haar beheergebied, verantwoordelijk voor de waterkwantiteit en -kwaliteit. Daarom eist het hoogheemraadschap met de regelgeving in de zogenaamde ‘keur’ dat alle watergangen voldoen aan de normen die zij daaraan stelt. Deze normen bepalen onder meer de diepte van de watergang en de hoeveelheid plantengroei die is toegestaan. Afhankelijk van het type watergang en de daarvoor geldende normen moet het onderhoud minder of meer frequent uitgevoerd worden. De eigenaren en/of aangelanden van de watergangen zijn voor deze uitvoering verantwoordelijk. De gemeente is eigenaar en aangelande van een groot aantal watergangen of delen daarvan. Voor de gemeente betekent dit dat zij hieraan jaarlijks onderhoud moet uitvoeren. In 2024 heeft het Hoogheemraadschap van Delfland nieuw baggerbeleid vastgesteld. Hierin is opgenomen dat het hoogheemraadschap meer voor gemeenten wil gaan baggeren. Of dit ook voor onze gemeente haalbaar is wordt onderzocht. Voor het maaiwerk lopen er meerjarige onderhoudscontracten.

De belangrijkste onderhoudsmaatregelen betreffen:
-uitmaaien van de watergangen;
-bagger­werkzaamheden;
-maaien van de slootkanten;
-verwijderen van drijfvuil en overhangende takken.

Financiering

Het reguliere preventieve onderhoud aan water gebeurt op basis van het onderhoudsplan en meerjarige onderhoudsbestekken. Met dit onderhoud is in 2027 een bedrag gemoeid van circa € 248.286.

Groen

De gemeenteraad heeft in 2026 het Groenbeleid 2026-2036 vastgesteld. Bij de vaststelling is bewust gekozen voor een lange looptijd van het plan. De reden daarvan is dat ontwikkelingen in het openbaar groen vaak langjarig zijn. Bestendigheid in beleid is belangrijk om het groenbeheer goed uit te kunnen voeren.

De groenvoorzieningen in Midden-Delfland worden door de eigen dienst en door aannemers onder­houden. Het overgrote deel van het onderhoud is uitbesteed aan aannemers. De afspraken met de aannemers over planmatige uitvoering van het onderhoud zijn vastgelegd in meerjarige onderhoudscontracten (groenbestekken).

Financiering

Met het groenonderhoud is een bedrag gemoeid van € 1.907.823 in 2027, inclusief vaste lasten zoals kapitaallasten, manuren en tractie. De direct inzetbare middelen voor het dagelijks beheer en onderhoud van het openbaar groen bedragen in 2027 € 1.055.345. Dit is exclusief investeringen.

Speelplaatsen

Het Speelbeleid is gericht op een ontwikkeling van het aanbod van speelvoorzieningen. Het areaal speelplekken verandert geleidelijk. Aanpassingen leiden tot een beter en toegankelijker aanbod. Speeltoestellen verouderen en zijn in principe na 10 tot 15 jaar afgeschreven, afhankelijk van het materiaal. Door het opstellen en bijhouden van een beheer-, vervangings- en onderhoudsprogramma kunnen de speelterreinen kwalitatief in goede conditie worden gehouden en voldoen deze aan de veiligheidseisen. In het beleidsplan is op basis van wetgeving en de kwaliteit van de speelplaatsen een vervangingsoverzicht opgenomen. In 2026 is er een nieuw beleidsplan vastgesteld.

De gemeente voert het onderhoud aan speelterreinen zelf uit. Maandelijks controleren wij de toestellen en terreinen. Ook voeren wij jaarlijks een algemene veiligheidsinspectie uit. Bij gebreken en/of schade nemen wij direct maatregelen. De controles en verrichte reparaties tekenen wij op in een logboek. Eens per vijf jaar laten we een extern bedrijf alle speeltoestellen inspecteren. Dat is in 2025 gebeurd.

Financiering

Met dit onderhoud is een bedrag gemoeid van € 286.392 in 2027. In 2027 is voor het uitvoeren van reconstructies aan speelvoorzieningen een investeringskrediet geraamd van € 110.000.

Openbare verlichting

Het verbeteren en het energiezuiniger maken van de openbare verlichting vindt plaats aan de hand van het beheerplan (Keuzenotitie openbare verlichting). Het reguliere preventieve onderhoud aan openbare verlichting vindt plaats op basis van het onderhouds­plan. Afgeschreven verlichting vervangen wij voor zuinige, slimme en innovatieve LED verlichting. In het (landelijke) energieakkoord voor duurzaam energiebeleid zijn doelstellingen op het gebied van energiebezuiniging beschreven. Aan de hand van het beheerplan willen we bereiken dat de openbare verlichting:
- conform de ROVL-2011 richtlijnen en de NPR13201-1 in goede staat van onderhoud blijft;
- wanneer mogelijk wordt verbeterd;
- conform de doelstelling energiezuiniger en slimmer wordt.

Financiering

Met het onderhoud is in 2027 een bedrag gemoeid van € 462.539 inclusief vaste lasten. De direct inzetbare financiële middelen voor het laten branden van en het dagelijks beheer en onderhoud aan de openbare verlichting bedragen in 2027 circa € 297.111. Dit is exclusief investeringen.

Civiele kunstwerken

Onder de civiele kunstwerken verstaan wij bruggen, brugduikers, kades, damwanden, stuwen en beschoeiingen. De bruggen en brugduikers worden driejaarlijks geïnspecteerd. De laatste inspectie was in 2026. Het onderhoud wordt uitgevoerd conform de inspectieresultaten. Voor de oeverbescherming (kades, damwanden, stuwen en beschoeiingen) is in 2024 een nieuw beheerplan vastgesteld. Voor de bruggen is in 2024 het geactualiseerde beheerplan vastgesteld.

Financiering

Met het preventieve en correctieve onderhoud is in 2027 een bedrag gemoeid van € 623.956 inclusief vaste lasten zoals kapitaallasten, manuren en tractie. De direct inzetbare middelen voor het dagelijks beheer en onderhoud van de civiele kunstwerken bedragen in 2027 € 389.900.

Gebouwen

De huidige vastgoedportefeuille is grotendeels historisch gegroeid en niet ontstaan vanuit een overkoepelende visie op het gemeentelijke vastgoed. Een aantal gebouwen heeft niet tot nauwelijks een maatschappelijke of commerciële functie, zoals de kerktoren in Maasland. Losse grond, de openbare ruimte, renovaties en (school)gebouwen waarop de gemeente nog een economisch claimrecht heeft, vallen buiten de scope van het beheer van de gemeentelijke gebouwen.

In 2024 is er nieuw beheerplan onderhoud gemeentelijk vastgoed vastgesteld. Dit plan onderbouwt de voorziening die is ingesteld voor het meerjarig groot onderhoud van het gemeentelijk vastgoed. In het beheerplan wordt het te hanteren beheer voor een doelmatig en efficiënt onderhoud van deze gebouwen beschreven. Daarnaast is de verduurzaming van de gemeentelijke gebouwen onderdeel van het beheerplan. Op dit moment heeft de gemeente 34 gebouwen in beheer en eigendom, waarbij aan 28 gebouwen groot onderhoud wordt uitgevoerd.

Financiering
In 2024 is besloten een voorziening voor het groot onderhoud van de gemeentelijke gebouwen in te stellen. De voorziening is met ingang van 2025 beschikbaar en dient ter dekking van de kosten van het groot onderhoud en de verduurzamingsmaatregelen (exclusief zonnepanelen). De voorziening wordt opgebouwd door middel van jaarlijkse dotaties over een periode van 10 jaar.