Beleidsveld ruimtelijke ordening
Beleidsdoel
In de ruimtelijke ordening hebben diverse belangen en ontwikkelingen invloed op de bestaande en toekomstige leefomgeving van inwoners van onze gemeente. Wij willen mede door participatie van onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties ruimtelijke projecten tot ontwikkeling brengen. Op deze manier werken wij aan een groter maatschappelijk draagvlak voor ontwikkelingen van bijvoorbeeld woningbouwlocaties en bedrijfsterreinen. Daarnaast biedt het ruimtelijk beleid, dat met name is vastgelegd in de Omgevingsvisie, handvatten om tot goede belangenafweging te komen. Hierbij gaat het enerzijds om het bereiken en behouden van een veilige, gezonde en duurzame fysieke leefomgeving met omgevingskwaliteit, en anderzijds om het doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving ter vervulling van maatschappelijke behoeften.
Wat willen we bereiken?
Per 1 januari 2024 is de Omgevingswet van kracht geworden, en eveneens de Wet kwaliteitsborging. Het maatschappelijk doel van de Omgevingswet is om een goede balans te vinden tussen het beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving. Enerzijds door het bereiken en behouden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving met een goede omgevingskwaliteit en intrinsieke natuurwaarden en anderzijds door het goed beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving om aan maatschappelijke behoeften te voldoen. In de geest van de Omgevingswet werken wij integraal en uitvoeringsgericht aan onze fysieke leefomgeving met ruimte voor lokaal maatwerk en tijdige participatie. Wij werken volgens de beleidscyclus van de Omgevingswet, waarbij wij ons beleid regelmatig evalueren en actualiseren.
De huidige Wet natuurbescherming (Wnb) is opgegaan in de Omgevingswet. Belangrijk doel ervan is bescherming en versterken van de soortenrijkdom van planten en dieren, maar ook behoud en beheer van waardevolle landschappen en gebieden. Het instrument Soortenmanagementplan (SMP) is een instrument dat dient als ecologische onderbouwing bij verlenen van een gebiedsgerichte/generieke ontheffing door de provincie. In het SMP worden voorwaarden en maatregelen opgenomen waarmee de staat van instandhouding van (beschermde) soorten wordt geborgd tijdens de uitvoering van eventuele activiteiten gedurende een langere periode, en hoe met de aanwezige (beschermde) soorten en hun leefgebied wordt omgegaan. Een generieke of gebiedsontheffing bespaart op den duur tijd en geld bij eventuele ontwikkelingen, zoals bij verduurzaming van gebouwen. Het SMP ondersteunt en versnelt onder andere het realiseren van de doelstellingen uit het vastgestelde uitvoeringsprogramma Energietransitie.
Water en bodem zijn de komende jaren een belangrijk thema, zeker voor een open veenweidegebied als Midden-Delfland. 'Water en Bodem Sturend’ is door het Rijk en de provincie omarmd als ordeningsprincipe in de ruimtelijke ordening. Aspecten die aandacht zullen moeten bij de eerste herziening van de Omgevingsvisie: tegengaan wateroverlast (inclusief waterberging), verhogen grondwaterpeil in veenweidegebieden en tegengaan oxidatie van veen door het scheuren van grasland, mogelijke bescherming nieuwe drinkwaterbronnen, en klimaatbestendigheid van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Het landschap van Midden-Delfland levert een waardevolle bijdrage voor onze gemeente en de regio aan het vasthouden van water in relatie tot bodemdaling, en het voorkomen van wateroverlast in bebouwd gebied. De gemeente Midden-Delfland heeft een belangrijke rol om dit thema samen met regionale partners gestalte te geven in het zogenaamde Verstedelijkingsgebied Zuidelijke Randstad binnen het nationale omgevingsbeleid, het ontwikkelingsperspectief NOVEX Zuidelijke Randstad, de regionale investeringsagenda en het omgevingsbeleid van de provincie.
Wat is de relatie tussen Cittaslow en dit beleidsveld?
Cittaslow richt zich op behoud en versterking van de ruimtelijke kwaliteit van de (fysieke) leefomgeving. De Omgevingsvisie 1.0 als ook de Toekomstvisie 2050 zijn hierbij belangrijke instrumenten.
Wat gaan we daarvoor doen?
- Kostendekkendheid leges: Binnen de VNG blijft kostendekkendheid van VTH-taken onderwerp van gesprek, dat samen met diverse belangenpartijen en op interbestuurlijk niveau gevoerd wordt onder meer ten aanzien van mogelijke compensatie vanuit het Rijk voor de nadelige effecten van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor gemeenten. Monitoring blijft belangrijk voor eventuele verdere compensatie. Daarom heeft de VNG alle gemeenten opgeroepen om deel te nemen aan de Financiële Monitor Omgevingswet. Midden-Delfland heeft zich aangemeld.
- 1e wijziging Omgevingsvisie: Gemeenten zijn op grond van de Omgevingswet verplicht uiterlijk op 1 januari 2027 een Omgevingsvisie vast te stellen. Met de huidige Omgevingsvisie 1.0 (lees: Omgevingsvisie) en Dorpenvisie voldoen wij al aan deze wettelijke verplichting. Wel is een eerste herziening van de Omgevingsvisie nodig, inclusief een participatietraject. De Toekomstvisie 2050 vormt, samen met andere bouwstenen zoals de Woonvisie en het recreatiebeleid, een belangrijke basis voor deze herziening. De uitvoering van de Omgevingsvisie vindt plaats via omgevingsprogramma’s. Het vaststellen van deze programma’s is een bevoegdheid van het college. De afstemming tussen raad en college over de omgevingsprogramma’s en de daarvoor benodigde financiële middelen vindt plaats via de begrotingscyclus.
- Omgevingsplan: Het Omgevingsplan dient uiterlijk 1 januari 2032 vastgesteld te zijn. Wij beschikken al over een tijdelijk Omgevingsplan van rechtswege dat wij stapsgewijs wijzigen om te komen tot een volwaardige Omgevingsplan. Wij doen dat volgens een transitiestrategie die jaarlijks wordt bijgesteld. De eerste wijziging van het omgevingsplan is gestart in 2026 en wordt afgestemd met het traject herziening Omgevingsvisie. Het opbouwen van het omgevingsplan gaat stapsgewijs. Na vaststelling van de wijziging omgevingsplan voor bodem zal in 2027 in ieder geval het deelgebied woongebieden worden opgepakt.
- Erfgoedbeleid: In het kader van het Interbestuurlijke Toezicht (IBT) is de provincie gestart met een nieuwe wijze van toezicht voor het toezichtgebied Monumenten en Archeologie, zoals beschreven in haar Uitvoeringsprogramma IBT. Het toezicht wordt één keer per jaar uitgevoerd aan de hand van 4 indicatoren, die mede een beeld moeten geven van de mate waarin de gemeente is toegerust op de uitvoering van het taakveld Monumenten en Archeologie binnen de context van de Omgevingswet. Op dit moment is nog niet aan te geven of dit structureel financiële consequenties heeft voor de gemeente.
- Recreatie en toerisme: Het Bijzonder Provinciaal Landschap van Midden-Delfland heeft een belangrijke waarde voor de eigen inwoners maar juist ook voor de inwoners van de omliggende steden. De waarde voor recreatie en toerisme gaat hand in hand met het belang van het beschermen en onderhouden van het landschap. Om de recreatieve functie te versterken dienen de bekendheid, toegankelijkheid en beleefbaarheid van het gebied vergroot te worden. Het gebied kan aantrekkelijker gemaakt worden door toevoeging van onder meer wandel- en fietspaden, en activiteiten of functies die gericht zijn op natuurbeleving, lokale voedselproductie of educatie.
- Ecologie en biodiversiteit: De Wet natuurbescherming (Wnb) is opgegaan in de Omgevingswet. Om te voldoen aan de wet en ervoor te zorgen dat ontwikkelingen en initiatieven voortvarend en met de juiste maatregelen ter hand genomen kunnen worden, wordt fasegewijs ecologisch beleid voor Midden-Delfland vormgegeven. Een generieke of gebiedsontheffing bespaart op den duur tijd en geld bij eventuele ontwikkelingen, bijvoorbeeld verduurzaming van gebouwen. Wij stimuleren verduurzaming en willen tegelijkertijd rekening houden met beschermde diersoorten die in deze gebouwen leven. Een soortenmanagementplan kan voorkomen dat per pand een ontheffing of vrijstelling aangevraagd dient te worden.
- Water en bodem: Water en bodem zijn de komende jaren een belangrijk thema. Het landschap van Midden-Delfland levert een waardevolle bijdrage voor onze gemeente en de regio aan het vasthouden van water in relatie tot bodemdaling, en het voorkomen van wateroverlast in bebouwd gebied. De gemeente Midden-Delfland heeft een belangrijke rol om dit thema samen met regionale partners gestalte te geven in het zogenaamde Verstedelijkingsgebied Zuidelijke Randstad binnen het nationale omgevingsbeleid, en de Omgevingsvisie van de provincie. ‘Water en Bodem Sturend’ is door het Rijk en de provincie omarmd als ordeningsprincipe in de ruimtelijke ordening. De kwaliteiten van bodem en ondergrond worden nog onvoldoende meegenomen bij het oplossen van maatschappelijk opgaven. Aspecten die aandacht zullen moeten krijgen in onze herziene Omgevingsvisie zijn onder meer: tegengaan wateroverlast (inclusief waterberging), verhogen grondwaterpeil in veenweidegebieden en tegengaan oxidatie van veen door het scheuren van grasland, mogelijke bescherming nieuwe drinkwaterbronnen, en klimaatbestendigheid van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Door de stijging van de zeewaterspiegel verschuift ook de verziltingsgrens landinwaarts, met consequenties voor Midden-Delfland. De opgaven met betrekking tot water en bodem vragen samenwerking met alle gebiedspartijen, met name het Hoogheemraadschap. Binnen de regionale uitwerking voor de provincie Zuid-Holland (ZH-PLG) worden de belangen van natuur, water, stikstof en klimaat als randvoorwaarde voor een vitaal platteland samengebracht. Onder andere (grond)water is een belangrijk thema, ook voor Midden-Delfland. Zo wordt op basis van de Kader Richtlijn Water (KRW, 2027) de aanpak voor waterkwaliteit geïntensiveerd. De doelen van de KRW liggen momenteel buiten bereik, terwijl een goede waterkwaliteit van belang is voor de biodiversiteit, volksgezondheid en de kringlooplandbouw. Er wordt ook in beeld gebracht wat de impact is van de grondwaterstand in de veenweiden op een aantal factoren. De provincie is hiertoe een belangrijke partner.
- Spoorverdubbeling: Tussen Delft en Schiedam is een spoorverdubbeling gepland van het tracé dat het landschap van Midden-Delfland doorsnijdt (De Oude Lijn). ProRail heeft de projectleiding. Onze samenwerking met ProRail is gericht op een zorgvuldige ruimtelijke inpassing en een kwalitatief verantwoorde uitvoering, zodat de spoorverdubbeling gepaard gaat met compensatie voor eventueel aangetaste waarden en tevens een plus oplevert voor de belevings-, gebruiks-, en toekomstwaarde het landschap. Eind 2023 is een propositie opgesteld (met financiering door de aangesloten partijen), waarvan de uitwerking op dit moment gaande is. De Landschapstafel heeft een procesbegeleider/programmamanager aangesteld, om binnen het speelveld van uiteenlopende belangen ervoor te zorgen dat de propositie op een constructieve wijze doorwerkt in de verdere uitwerking van de spoorverdubbeling. Doel is een integrale aanpak voor de bereikbaarheid, de verstedelijkingsopgave en behoud of versterking van het Bijzonder Provinciaal Landschap, waar alle partners van de Landschapstafel achter staan. Dit heeft geleid tot een samenwerking met betrokken partijen, waaronder ProRail, om uiteindelijk voldoende financiële dragers vanuit het Rijk, provincie of regio te genereren om de kwaliteiten van het Bijzonder Provinciaal Landschap te behouden of te versterken. Onze gemeentelijke bijdrage gaat vooralsnog via de Landschapstafel. Indien aanvullende middelen nodig zijn om ons doel te bereiken zal dat separaat of via de P&C-cyclus aan de orde gesteld worden. Medio 2025 is de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) door het ministerie gepubliceerd met daarin opgenomen zeven te onderzoeken varianten voor de viersporigheid tussen Delft en Schiedam. Onder de varianten ook de oplossingen die door de Landschapstafel zijn aangereikt.
Instrumenten
• Omgevingsvisie 1.0
• Omgevingsprogramma's en het omgevingsplan
• Toekomstvisie 2050
• Midden-Delfland®2025
• Landschapsontwikkelingsperspectief
• Structuurvisie Midden-Delfland 2025 (5 juli 2011)
• Omgevingsbeleidsplan Midden-Delfland (2017)
• Bouwverordening Midden-Delfland 2007
• Welstandsnota Midden-Delfland 2018
• Erfgoedverordening Midden-Delfland 2024
• Handleiding Beeldkwaliteit Buitengebied 2016/Beeldkwaliteitsplannen
• Handboek Erfgoed Midden-Delfland
• Verordening kwaliteit vergunningverlening, toezicht en handhaving omgevingsrecht gemeente Midden-Delfland
• Grondbeleid inclusief grondexploitaties
• Aanwijzing Bijzonder Provinciaal Landschap (inclusief visie en uitvoeringsprogramma Gebiedstafel BPL)
• Grondinstrument (onderdeel Duurzaam Boer Blijven)
Wat is de betrokkenheid van de verbonden partijen?
Het doel van de Omgevingsdienst Haaglanden (ODH) is het uitvoeren van de wettelijke milieutaken. Hierbij wordt voldaan aan landelijke kwaliteitscriteria, wordt gezorgd voor specialismevorming op inhoud en wordt een bijdrage geleverd aan een constante en eenduidige taakuitvoering in de regio. Deelname aan deze gemeenschappelijke regeling is opgelegd vanuit de Wet milieubeheer.
Met de deelname aan de gemeenschappelijke regeling archeologie Midden-Delfland heeft als doel op een efficiënte en doelmatige wijze invulling te geven aan de gemeentelijke wettelijke verplichtingen op het gebied van archeologisch onderzoek en het scheppen van de mogelijkheid om vondsten uit opgravingen in een eigen depot onder te brengen. Dit is een zogenaamde ‘lichte’ gemeenschappelijke regeling tussen de gemeenten Delft en Midden-Delfland op basis waarvan de stadsarcheoloog Delft tegen vergoeding de wettelijke taken van een archeoloog in Midden-Delfland mag verrichten.
Wat mag het kosten?
Wijziging budget 2027 ten opzichte van 2026
Lasten
Ruimtelijke ordening (€ -472.565)
De afname van de lasten op dit taakveld heeft meerdere oorzaken, de voornaamste zijn:
- Met name de mutatie huisvest de huisarts uit het fonds sociale woningbouw in 2026 (€ -200.000)
- Een uit 2025 doorgeschoven budget naar 2026 voor project de Kroon (€ -50.000) en in 2026 opgenomen budget voor ontwikkelmogelijkheden van een locatie (€ -30.000) en nota kostenverhaal herziening (€ -19.000)
- Het overige is voornamelijk toe te wijzen aan een verschuiving van werkgeverslasten (€ -107.000 ).
Beleidsveld volkshuisvesting
Beleidsdoel
Wij streven naar een evenwichtige woningvoorraad, waarbij het accent per dorp verschilt. Dit beleidsveld heeft een sterke relatie met het sociaal domein (onder andere Wet maatschappelijke ondersteuning, statushouders, voorrangsverklaringen, langer zelfstandig wonen, sociale cohesie en veilige woonomgeving), locatieontwikkeling en ruimtelijke ordening (randvoorwaarden en planning nieuwe woningbouwlocaties).
Wat willen we bereiken?
Midden-Delfland blijft een aantrekkelijke woongemeente voor alle generaties. Jongeren en jonge gezinnen moeten de mogelijkheid hebben om in Midden-Delfland te blijven wonen of later terug te keren. Tegelijkertijd willen we dat ouderen, wanneer hun woonwensen veranderen, in hun eigen dorp kunnen blijven wonen. Daarom zetten we ons in voor voldoende en passende woonmogelijkheden voor jongeren, gezinnen en ouderen. Zo versterken we de leefbaarheid en houden we onze dorpen vitaal, levendig en sociaal verbonden.
Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen sluiten we aan bij de uitgangspunten en doelstellingen van de Wet versterking regie volkshuisvesting (Wet regie). Een belangrijke doelgroep daarbij zijn jongeren. We vinden het belangrijk dat zij ook in de toekomst een passende woning kunnen vinden binnen onze gemeente. Daarnaast werken we aan woningen die geschikt zijn voor ouderen, in combinatie met passende voorzieningen, zoals huisartsenzorg. Door de verwachte groei van het aantal ouderen is dit noodzakelijk. Voor de realisatie hiervan werken we samen met onder meer WoonWest en zorginstellingen.
Ook willen we ruimte bieden aan aandachtsgroepen en andere vormen van betaalbaar wonen. We streven ernaar jaarlijks gemiddeld 50 tot 70 woningen toe te voegen. Daarbij nemen wij onze verantwoordelijkheid voor de opvang en huisvesting van asielzoekers, statushouders en Oekraïense vluchtelingen, binnen de kaders en opgaven die regionaal en landelijk worden vastgesteld.
Om onze dorpen op lange termijn vitaal te houden, zijn nieuwe woningbouwlocaties nodig. Daarbij geven we voorrang aan dorpsinbreiding: bouwen binnen de bestaande kernen. Wanneer deze mogelijkheden op termijn onvoldoende blijken, onderzoeken we andere geschikte locaties, met behoud van de kwaliteiten van het Bijzonder Provinciaal Landschap.
De woningmarkt blijft onder druk staan door onder meer het woningtekort, stijgende rente en toenemende bouwkosten. Deze ontwikkelingen hebben invloed op de voortgang van woningbouw en ruimtelijke projecten. Daarom benutten wij actief de subsidiemogelijkheden van Rijk en provincie om woningbouw te versnellen en knelpunten bij de realisatie van woningen weg te nemen. Hiermee vergroten we de kans om onze woningbouwdoelstellingen te behalen.
Wat is de relatie tussen Cittaslow en dit beleidsveld?
Kwaliteit van leven en wonen liggen in elkaars verlengde. Vanuit Cittaslow gaat het bij dit beleidsveld om een kwalitatieve inrichting van de woon- en leefomgeving. Het lokale beleid is gericht op de persoonlijke omstandigheden van inwoners en verschillende doelgroepen in de gemeente. Bij de planvorming voor woningbouw zijn duurzaamheid, veiligheid en de bijdrage aan de vitaliteit van de dorpen belangrijke beleidsonderdelen.
Wat gaan we daarvoor doen?
- Uitvoering geven aan Woonvisie
Wij realiseren gemiddeld 50 tot 70 woningen per jaar en creëren meer betaalbare woningen; onze prioritaire doelgroepen zijn jongeren, jonge gezinnen en ouderen.
- Samenwerking met WoonWest
Wij blijven intensief samenwerken met de woningcorporatie Woonwest. Jaarlijks maken we prestatieafspraken met de corporatie en huurdersvereniging. Ook maken we afspraken over een optimale inzet van Lokaal Maatwerk.
- Uitvoering Woningbouwprogramma
In alle drie de dorpen worden woningen aan de voorraad toegevoegd. Ons woningbouwprogramma is vastgelegd in de Regionale Realisatie Agenda (de Woondeal) en door de Provincie Zuid-Holland vastgesteld.. In Den Hoorn worden de woningbouwplannen voor centrum Den Hoorn, De Kreek fase IV en de Hoornbloem voortgezet. In Schipluiden zijn er onder andere plannen in voorbereiding voor het toevoegen van woningen in het centrum, aan de Kasteellaan en de Zuidrand. In Maasland is er een plan in voorbereiding voor het centrum en in 2027 en 2028 worden de woningen opgeleverd van het project Maaslandse Zoom.
- Aandacht voor wonen met zorg
De verwachte toename van het aantal ouderen en andere aandachtsgroepen maakt het noodzakelijk hier passende woningen voor te ontwikkelen. Voor het realiseren van deze woningen werken we samen met zorginstellingen en woningcorporatie Woonwest. Onze lokale visie op wonen, welzijn en zorg zal naar verwachting eind 2026 zijn vastgesteld en biedt een visie op de gezamenlijke ambities en uitdagingen op dit thema. Vervolgens zal er worden gewerkt aan de vorming van een uitvoeringsagenda.
- Regionale samenwerking
In de regio Haaglanden maken we afspraken over de huisvesting van urgent woningzoekenden. Met de inwerkingtreding van de Wet regie wordt de voorrang van urgentiecategorieën bij wet voorgeschreven. We verwachten hierdoor een toename van het aantal urgente woningzoekenden. Onze bestaande regeling zal worden aangepast, zodat de inwoners van Midden-Delfland die urgent woningzoekend zijn kunnen worden gehuisvest binnen onze gemeente. Verdeelafspraken over de urgentiecategorieën worden in regionaal verband gemaakt en zullen landen in de Regionale Woonzorgvisie. Wijzigingen in de regelgeving zullen vervolgens landen in de nieuwe Huisvestingsverordening.
· Maximaal benutten subsidiemogelijkheden voor woningbouw
Het Rijk en de provincie bieden subsidiemogelijkheden aan. Het gaat hier om bijdragen die een impuls moeten geven aan het versnellen van woningbouw of ter ondersteuning van financiële tekorten. Het gaat om regelingen zoals de Vliegende Brigade, Knelpuntenpot Sociale Woningbouw, Startbouwimpuls en de Realisatiestimulans. We bewaken welke projecten hiervoor in aanmerking komen en zorgen voor een tijdige aanvraag.
Instrumenten
- Woonvisie 2024-2030
- Toekomstvisie 2050
- Omgevingsvisie 1.0
- Visie Behoud door ontwikkeling (Vitale Dorpen 2025)
- Huisvestingsverordening Midden-Delfland 2023
- Regionale Realisatie Agenda: gemeentelijk aandeel in regionale nieuwe woningmarktafspraken
- Prestatieafspraken met WoonWest
- Wet maatschappelijke ondersteuning en de voorzieningen die daarop gebaseerd zijn (wonen, zorg en welzijn)
- Bestuurlijke Tafel Wonen (de ambtelijke en bestuurlijke samenwerking in de woningmarktregio Haaglanden)
- Anti-speculatiebeleid 2017
- Beleidsnotitie Afkoop Sociale Woningbouw (gekoppeld aan Omgevingsvisie)
- Wet versterking Regie op de volkshuisvesting
Wat mag het kosten?
Wijziging budget 2027 ten opzichte van 2026
Lasten
Bouw- en woningtoezicht (€ -413.311)
Dit verschil zit voornamelijk in de afloop van inhuurbudget (€ -394.549) en vanuit 2025 naar 2026 doorgeschoven budgetten voor o.a. de Woonzorgvisie (€ -134.617). Het restant zit in een verschuiving van werkgeverslasten (€ 110.000).
Baten
Bouw- en woningtoezicht (€ -60.801)
Deze afname betreft een lager begroot bedrag voor leges bouwvergunningen (€ -61.601).
Beleidsveld grondzaken
Beleidsdoel
De gebiedsvisie 2025 is vervangen door de toekomstvisie 2050. Deze wordt voor de dorpen uitgewerkt in de dorpenvisie, waarvan het traject nog loopt. Op langere termijn wordt toegewerkt naar een actuele Omgevingsvisie, gekoppeld aan meerdere thematische en gebiedsgerichte omgevingsprogramma's. Het grondbeleid zal hierbij ondersteunend zijn aan het behalen van de ambities en doelen uit de Omgevingsvisie en de projecten, maatregelen en acties uit de omgevingsprogramma's.
Wat willen we bereiken?
Het beschikbaar hebben van gronden, tegen (maatschappelijk) acceptabele kosten, ten dienste van de in het beleidsdoel geformuleerde uitgangspunten.
Wat is de relatie tussen Cittaslow en dit beleidsveld?
Het beleidsveld grondzaken heeft een indirecte relatie met Cittaslow. Het gemeentelijk grondbeleid is ondersteunend aan het realiseren van de in het beleidsdoel genoemde doelstellingen. De waarden van Cittaslow zijn daarbij ook uitgangspunt, zoals het betrekken van inwoners, een hoogwaardige inrichting van de openbare ruimte, het open houden van het Midden-Delflandgebied en duurzaam bouwen.
Wat gaan we daarvoor doen?
In 2027 verkennen we de mogelijkheden voor een nieuwe nota grondbeleid. De focus ligt daarbij op de mogelijkheid om het beleid uit te breiden met nieuwe thema’s, zoals de voorwaarden voor het verkopen of verhuren van gronden. Dit betreft onder andere gronden bestemd voor woningbouw, bedrijvigheid, agrarisch gebruik en zogenoemd snippergroen — kleine restpercelen groen die vaak aan particuliere kavels grenzen. De Toekomstvisie 2050, de Woonvisie 2024-2030 en de actuele woonagenda zijn input voor de actualisatie, die tevens wordt afgestemd op de opties van de nieuwe Omgevingswet.
Instrumenten
- Nota Grondbeleid
- Jaarlijkse herziening grondexploitaties, en bijbehorende risicoanalyse en het meerjarenprogramma grondexploitaties (ontwikkeling reserve grondexploitaties).
Wat is de betrokkenheid van de verbonden partijen?
Deelname aan het Bedrijvenschap Harnaschpolder heeft onder meer als doel de werkgelegenheid en de lokale en regionale economie een impuls te geven, een kwalitatieve invulling te geven aan het bedrijventerrein en zorg te dragen voor de beleidsmatige afstemming met de woningbouw in de Harnaschpolder. De ontwikkeling van het bedrijventerrein is bijna ten einde. De liquidatie van de gemeenschappelijke regeling is in gang gezet.
Wat mag het kosten?
Wijziging budget 2027 ten opzichte van 2026
De lasten binnen het taakveld grondexploitaties zijn gebaseerd op prognose van werkzaamheden (in-en extern) ten aanzien van de grondexploitaties voor de komende jaren. Deze lasten worden budgettair neutraal verwerkt in de begroting. Het saldo tussen de lasten en baten (€ 1.305.804) betreft de (netto) opbrengst uit erfpacht.
Mutaties reserve
Wijzigingen reserves 2027 ten opzichte van 2026
Baten € - 529.000
Uit de algemene reserve werden in 2026 de volgende incidentele onttrekkingen gedaan:
- Budget werkzaamheden Omgevingswet naar 2026 € 30.000
- Beleid 'Dorpenvisies' doorschuiven naar 2026 € 178.000
- Beleidsontwik. Als Woonzorgvisie Volkshuisvesting 2026 € 71.000
- Plankosten project de Kroon € 50.000
Uit de reserve fonds sociale woningbouw werd in 2027 de volgende incidentele onttrekking gedaan:
- Huisvesting huisarts € 200.000